Rietveldpaviljoen

Advies: net onvoldoende

Het advies luidt:

De artistiek-inhoudelijke kwaliteit van activiteiten uit het recente verleden beoordeelt de commissie als net onvoldoende. Rietveldpaviljoen is erop gericht beeldende kunst en fotografie te verbinden met podiumkunst, film en literatuur. De artistieke visie is volgens de commissie onvoldoende scherp. Op basis van recente activiteiten, meent zij dat de kwaliteit van het programma wisselend is en te weinig samenhang vertoont. Om deze reden meent zij dat de vertaling van de artistieke visie onvoldoende zichtbaar is in de activiteiten en programmering van het afgelopen jaar. De commissie waardeert de actieve houding van de organisatie en het lokale draagvlak dat Rietveldpaviljoen heeft gecreƫerd, maar in artistiek opzicht vindt zij de activiteiten gericht op hedendaagse beeldende kunst nog niet voldoende ontwikkeld.

De artistiek-inhoudelijke kwaliteit van de activiteiten uit het plan beoordeelt de commissie als net onvoldoende. Met betrekking tot de mogelijkheden die het plan biedt voor de ontwikkeling van het kunstpodium, merkt de commissie op dat de locatie in 2027 voor een ingrijpende renovatie staat. Zij waardeert dat voor deze periode een nomadisch programma is ontwikkeld dat helder is uitgewerkt, waardoor zij vertrouwen heeft dat het programma wordt gerealiseerd. Het programma is sterk lokaal verankerd, maar de ambitie om zich landelijk te profileren ziet de commissie te weinig terug in het programmaplan. De invulling van het programma vindt zij wisselend van kwaliteit. Hoewel het profiel van een aantal van de genoemde kunstenaars voor de komende periode interessant is, hebben anderen volgens de commissie een onvoldoende professionele praktijk binnen de beeldende kunst. Rietveldpaviljoen beoogt een interdisciplinaire benadering van kunst, maar volgens de commissie is er nauwelijks sprake van interdisciplinair programma. Zij ziet overwegend disciplines naast elkaar gepresenteerd zonder werkelijke integratie. De commissie vindt dat uit het programmaplan niet blijkt dat de kernactiviteit het presenteren van hedendaagse beeldende kunst is.

Het publieksbereik beoordeelt de commissie als net onvoldoende. Hoewel de commissie de intentie waardeert om per project met het communicatieteam, de projectleider en de (gast)curator de doelgroepen, kernboodschappen en communicatiekanalen te bepalen, blijkt volgens de commissie uit de aanvraag dat deze invulling grotendeels nog moet worden uitgekristalliseerd. In de aanvraag is de omschrijving van de doelgroepen te globaal, zo geeft de aanvrager aan vanaf 2028 het Cultureel Doelgroepenmodel te gaan gebruiken, maar wordt dit verder niet toegelicht. Om deze redenen vindt de commissie dat in de aanvraag niet op overtuigende wijze een relevant publiek wordt omschreven voor wie het programma is bedoeld en is zij niet overtuigd dat het beoogde publiek zal worden bereikt.

De lokale inbedding beoordeelt de commissie als net onvoldoende. Rietveldpaviljoen is volgens de commissie geworteld in de Amersfoortse context, wat blijkt uit het brede netwerk van maatschappelijke partners. De commissie is om die reden positief over de wijze waarop Rietveldpaviljoen zich verhoudt tot de lokale context. Zij is echter niet overtuigd van de mate waarin de aanvrager zich onderscheidt van andere instellingen die culturele programma’s uitvoeren binnen dezelfde regio. Uit de aanvraag blijkt een duidelijke intentie om een inhoudelijk profiel te ontwikkelen, maar de commissie vindt dat deze ontwikkeling zich nog in een te vroeg stadium bevindt. Zij vindt dat Rietveldpaviljoen door het gebrek aan een overtuigende artistiek-inhoudelijke visie zich nog niet op overtuigende wijze weet te profileren als platform voor hedendaagse beeldende kunst.

De kwaliteit van de organisatie en bedrijfsvoering beoordeelt de commissie als net onvoldoende. De commissie vindt de begroting te weinig gespecificeerd. Zo mist zij een heldere vertaling van de kosten naar de verschillende projecten binnen het programma. Er ontbreekt nog een duidelijke organisatorische verankering en strategie voor de programmatische uitvoering die nodig is om een sterk nomadisch programma te ontwikkelen. Op basis hiervan heeft de commissie te weinig vertrouwen dat het kunstpodium organisatorisch in staat is het programmaplan uit te voeren.

De omgang met de Fair Practice Code, Governance Code Cultuur en de Code Diversiteit & Inclusie beoordeelt de commissie als voldoende. Zij vindt de reflectie zorgvuldig en de ambities realistisch. De commissie waardeert dat de organisatie erkent dat de organisatie nog in ontwikkeling is en concrete stappen ter verbetering benoemt.

De adviescommissie heeft de beoordelingscriteria van de regeling Kunstpodium Start gewogen in onderlinge samenhang. Hierbij is het criterium met betrekking tot de lokale inbedding zwaarder gewogen, omdat dit een aandachtspunt is binnen de regeling. Zij is gekomen tot het eindoordeel dat de aanvraag van Stichting Rietveldpaviljoen net onvoldoende is en adviseert de aanvraag af te wijzen.